Europa themapagina

Europese belastingen

Belastingen zijn niet alleen een nationale, maar ook een Europese aangelegenheid. Zo hebben pensioenfondsen te maken met:

  • De Europese VAT-richtlijn (btw)

    De Europese btw-regelgeving is leidend voor de Nederlandse regels voor omzetbelasting. De Europese Commissie ziet toe op een correcte implementatie van de btw-richtlijn in nationale regelgeving. Tussen de lidstaten is er een interpretatieverschil over deze richtlijn. De meeste lidstaten verlenen hun pensioenfondsen een btw-vrijstelling. De Nederlandse overheid benut die ruimte niet. Daardoor zijn de diensten aan veel Nederlandse pensioenfondsen (zoals administratie en vermogensbeheer) belast met btw.

    Inzet Pensioenfederatie

    De pensioensector streeft naar zo laag mogelijke uitvoeringskosten. Daarin past het streven van de Pensioenfederatie om (onnodige) btw-lasten voor pensioenfondsen te voorkomen. Op Europees niveau moet worden gezorgd voor een gelijk speelveld voor álle pensioenfondsen binnen Europa.

    Het onderwerp btw komt uitvoerig aan bod onder het thema pensioenuitvoering>>

  • Financial Transaction Tax (FTT)

    De Europese Commissie heeft in 2013 voorgesteld om een heffing in te voeren op financiële transacties, de FTT. Het idee achter de belastingheffing is dat de financiële sector geld teruggeeft aan de maatschappij, na het financiële leed als gevolg van de crisis die begon in 2008.

    De handel in aandelen en obligaties zou bijvoorbeeld worden belast op basis van dit voorstel. Ook zou een dergelijke belasting de zogenoemde flitshandel aan banden leggen. De Europese Commissie wilde de FTT in eerste instantie invoeren in de gehele EU, maar niet alle lidstaten steunden het voorstel. Op dit moment hebben 11 lidstaten, op basis van een zogenoemde ‘versterkte samenwerking’, de handen ineen geslagen om de FTT vorm te geven. 

    De Nederlandse regering staat in principe positief tegenover het FTT-voorstel, mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. Eén voorwaarde is dat pensioenfondsen, beleggers bij uitstek worden uitgezonderd.

    Inzet Pensioenfederatie

    De Pensioenfederatie is absoluut tegen invoering van deze belasting. Een FTT wordt doorbelast en de eindgebruiker betaalt uiteindelijk de rekening. De pensioendeelnemer dus. Bovendien verrichten pensioenfondsen financiële transacties om risico’s te managen en een goed pensioen te realiseren. Dat moet zo kostenefficiënt mogelijk gebeuren. De Pensioenfederatie vindt het daarom een goede zaak dat Nederland niet deelneemt aan de versterkte samenwerking en terughoudend is met de invoering van een FTT.

  • Withholding tax (bronbelasting)

    Nederlandse pensioenfondsen hebben, doordat zij beleggen in het buitenland, te maken met buitenlandse bronbelastingen op inkomsten zoals dividend, rente en huur, maar ook  op de opbrengsten van de verkoop van activa of beleggingen. Als een pensioenfonds buitenlandse inkomsten ontvangt en daardoor wordt geconfronteerd met een (buitenlandse) bronbelasting, bestaat er meestal de mogelijkheid om de ingehouden belasting te verminderen of terug te vragen. Dat gebeurt dan op basis van een verdrag met het betreffende land.

    Zo’n aanvraagprocedure levert over het algemeen veel administratieve rompslomp op. Landen hebben zeer verschillende nationale systemen. Zo bestaat er bijvoorbeeld geen gemeenschappelijke definitie van het begrip ‘pensioenfonds’. Dat maakt de procedure erg complex, tijdrovend en dus kostenverhogend.

    De Europese Commissie heeft nu een gedragscode ontwikkeld die EU-lidstaten moet helpen om hun bronbelastingprocedures eenvoudiger en efficiënter in te richten. De Pensioenfederatie ondersteunt een dergelijke code van harte. Immers, iedere kostenbesparing leidt uiteindelijk tot een beter resultaat voor de deelnemer.