Europa themapagina

Europees pensioenbeleid

Europese regelgeving raakt ook het Nederlandse pensioenbeleid. De Europese Commissie ziet pensioenfondsen (IORP’s: Institutions for Occupational Retirement Provision) als financiële instellingen daarom is Europese wetgeving van toepassing. Daarnaast wil de Europese Commissie dat iedere EU-burger een adequaat pensioen kan opbouwen om een armoedeval onder ouderen te voorkomen.

Omdat de pensioenproblematiek in alle Europese landen vergelijkbaar is, zouden Europese richtlijnen hierbij een rol kunnen spelen. Alle Europese lidstaten, waaronder dus ook Nederland, hebben te maken met:

  • Vergrijzing van hun bevolking.
  • Een flexibilisering van de arbeidsmarkt met precaire situaties voor zelfstandigen en werkenden in de zogenoemde gig-economie of platformeconomie. Zij hebben niet tot nauwelijks toegang tot aanvullende pensioenen.

De Pensioenfederatie volgt de Europese ontwikkelingen nauwlettend en zet zich in om in het belang van onze leden en hun deelnemers de Europese richtlijnen goed te laten aansluiten bij de Nederlandse pensioensituatie.

Het Europese pensioenbeleid speelt een rol bij de volgende thema’s:

  • European Pillar of Social Rights / promotie tweede pijler

    Het Europees Parlement pleit sinds 2015 voor een gezamenlijke aanpak van billijke en goed functionerende arbeidsmarkten en sociale zekerheidsstelsels om in het Europa van de 21e eeuw de economische en sociale onzekerheid te hebben aangepakt voor alle burgers. Na veel discussie over de juridische vorm van deze Europese sociale pijler hebben de Europese lidstaten in november 2017 20 principes voor een Europese sociale pijler aangenomen.

    Bij de European Pillar of Social Rights gaat het er om dat alle Europese burgers doeltreffende rechten hebben wat betreft:

    • Gelijke kansen en toegang tot de arbeidsmarkt.
    • Goede en betrouwbare arbeidsvoorwaarden.
    • Waarborgen van goede sociale voorzieningen voor iedereen.
     
    Inzet Pensioenfederatie

    De belangrijkste prioriteit voor de Pensioenfederatie is een adequaat en houdbaar pensioen, wat zijn neerslag vindt in principe 15 van de 20 voorgestelde principes in de social pillar. (Workers and the self-employed in retirement have the right to a pension commensurate to their contributions and ensuring an adequate income. Women and men shall have equal opportunities to acquire pension rights. Everyone in old age has the right to resources that ensure living in dignity).

    Daarom zet de Pensioenfederatie erop in om aanvullende pensioenen op Europees niveau te bevorderen. Daarbij zijn de volgende principes leidend voor de Pensioenfederatie:

    • Adequaatheid, houdbaarheid, kostenefficiëntie en betrouwbaarheid van pensioenen
    • Een evenwichtig multi-pijler pensioensysteem
    • Mogelijke collectieve pensioensystemen met risicodeling en verplichte deelname of auto-enrollment mechanismen.

    Nieuws en achtergronden 

    In maart 2018 heeft de Europese Commissie in het kader van de European pillar of social rights een 'social fairness package’ gepubliceerd. Dit pakket bevat een voorstel voor de oprichting van een Europese arbeidsautoriteit: een aanbeveling aan de lidstaten voor toegang tot sociale zekerheid en een visie over de monitoring van de implementatie van alle principes.

    Openbare documenten
  • IORP

    In 2014 is de Europese Commissie gestart met een herziening van de IORP-richtlijn uit 2003. Deze IORP II-richtlijn heeft als doel: meer transparantie, meer grensoverschrijdende activiteiten, beter bestuur, betere bescherming van de deelnemer en meer langetermijnbeleggingen in de Europese economie. De tekst van de richtlijn is gepubliceerd in het Publicatieblad van de Europese Unie op 23 december 2016. De nieuwe regels zijn in werking getreden op 12 januari 2017. Lidstaten hebben 2 jaar de tijd om de richtlijn om te zetten in nationaal recht.

    Voor de Nederlandse pensioensector, die op het gebied van communicatie met de deelnemer, transparantie en governance in Europa voorop loopt, is de impact van IORP II tamelijk gering. De Pensioenfederatie vindt de nieuwe richtlijn op hoofdlijnen goed. 

    Inzet Pensioenfederatie

    De Pensioenfederatie heeft zich in Brussel sterk gemaakt voor de volgende punten:

    • Erkenning voor de sociale rol van pensioenfondsen;
    • Minder gedetailleerde communicatiebepalingen uit Europa en ruimte voor gelaagde informatievoorziening om aan te sluiten bij de Nederlandse ontwikkelingen om de pensioencommunicatie te verbeteren;
    • Geen geharmoniseerde Europese kapitaaleisen;
    • Geen gedelegeerde bevoegdheden voor de Europese toezichthouder EIOPA.

    De richtlijn wordt voor 1 januari 2019 omgezet in nationale wetgeving. 

    Openbare documenten
  • Pan-European Personal Pension Product (PEPP)

    Op donderdag 29 juni 2017 heeft de Europese Commissie een voorstel gedaan voor de ontwikkeling van een pan-Europees raamwerk voor derde pijlerpensioenproducten. Dergelijke producten zijn aanvullend, individueel en vrijwillig van aard.

    In landen waar een eerste pijler- (AOW) en/of tweede pijlerpensioen (bedrijfspensioenvoorziening) niet bestaat, kan dit product een bijdrage leveren aan een adequaat pensioen voor burgers. De Commissie erkent dat het een politiek-bestuurlijke uitdaging is om EU-burgers op de langere termijn te voorzien van een adequaat pensioen door de gewenste combinatie van eerste, tweede en derde pijlerpensioenen. De Commissie erkent ook dat het nu al mogelijk is om in alle lidstaten derde pijlerproducten aan te bieden; daar wordt alleen onvoldoende gebruik van gemaakt.

    Daarnaast beoogt de Commissie de beleggingen uit de personal pensions te gebruiken om in Europese groei te investeren. Vanwege het lange termijnkarakter van pensioenproducten (zeker in vergelijking met beleggingsproducten), is het wat de Commissie betreft een belangrijk onderdeel voor de succesvolle implementatie van de Kapitaalmarktunie (Capital Markets Union - CMU).

    Inzet Pensioenfederatie

    In Nederland is de noodzaak van een dergelijk nieuw derde pijlerproduct naar verwachting niet groot. De Pensioenfederatie erkent de noodzaak om in Europa te werken aan de oudedagvoorziening van Europese burgers. Ook ziet de Pensioenfederatie graag dat de Europese Commissie investeert in het bemoedigen van pensioenopbouw in de tweede pijler binnen de landen van de Unie. Dit levert vanwege collectiviteit en risicodeling een beter pensioenresultaat op voor de deelnemers. Een tweede pijler pensioen heeft schaalvoordelen en lagere kosten voor deelnemers. 

    Nederlandse IORP’s als PEPP-aanbieders? Inbreuk op taakafbakening
    In het voorstel van de Europese Commissie is opgenomen dat ook IORP’s (pensioenfondsen) – naast bijvoorbeeld verzekeraars – PEPP’s moeten kunnen aanbieden. Vanuit het oogpunt van de Nederlandse taakafbakening is dit echter onwenselijk.

    Deze taakafbakening, vastgelegd in de Pensioenwet, regelt de afbakening van taken van pensioenfondsen en verzekeraars. Daarmee zijn beide partijen voor wat betreft hun domein en producten beperkt. Op basis hiervan is het Nederlandse IORP’s niet toegestaan derde pijlerproducten zoals PEPP’s aan te bieden.

    Op nationaal niveau
    De Pensioenfederatie vindt het onwenselijk dat de manier waarop het Nederlandse tweede pijlerpensioen is georganiseerd onder druk komt te staan door een voorstel dat betrekking heeft op een derde pijlerproduct. De Pensioenfederatie vindt dan ook dat de discussie over de inrichting van ons pensioenstelsel op nationaal niveau zou moeten worden gevoerd.

    De Pensioenfederatie geeft daarom de voorkeur aan een lidstaatoptie met betrekking tot de rol van IORPs. Dat betekent dat lidstaten zelf mogen beslissen of zij hun IORPs al dan niet toestaan PEPPs aan te bieden.

    De Nederlandse regering is vooralsnog tegen het opnemen van IORPs in het voorstel. De Tweede Kamer heeft zich vooralsnog uitgesproken tegen het gehele Commissievoorstel.

    Triloogonderhandelingen van start
    De onderhandelingen tussen Commissie, Parlement en Raad zijn inmiddels van start gegaan. Op veel terreinen zitten zij op dezelfde lijn en de verwachting is dan ook dat vóór het einde van dit kalenderjaar een overeenkomst wordt bereikt. Eén van de twistpunten blijft de rol van IORPs. Men lijkt het erover eens te zijn dat IORPs moeten worden opgenomen in de lijst met mogelijke aanbieders. Dit met het oog op het pan-Europese karakter van een PEPP. Men verschilt echter van mening over de criteria die daarvoor moeten gelden. Met name de lidstaten zijn daarover nog bezorgd, waaronder Nederland. De Pensioenfederatie hoopt dat de lidstaatoptie door Commissie, Parlement en Raad wordt omarmd.

  • Informatievoorziening deelnemers

    Voor mensen die in verschillende Europese lidstaten werken of hebben gewerkt en pensioen hebben opgebouwd, is het lastig om overzicht te houden op het opgebouwde pensioen. De Europese Commissie onderkent dit probleem en heeft een project gefinancierd om een Europees Pensioenregister (Track and Trace Your Pensions in Europe: TTYPE) te ontwikkelen. Het project werd opgepakt door een consortium van onder andere Nederlandse pensioenuitvoerders. Dit resulteerde in een businessplan en aanbevelingen voor implementatie en financiering. In februari 2018 heeft de Europese Commissie een aanbesteding voor het project uitgezet.

    Inzet Pensioenfederatie

    De Pensioenfederatie vindt het belangrijk dat mensen op een eenvoudige wijze inzicht kunnen krijgen in hun pensioensituatie. Dat overzicht wordt in Nederland gegeven via mijnpensioenoverzicht.nl. Het is een goede zaak om te bezien of dit ook op Europees niveau kan worden gerealiseerd voor mensen die in verschillende lidstaten pensioen opbouwen.

    Openbare documenten
  • Grensoverschrijdend pensioen

    De zogenoemde Europese ‘Portability’-richtlijn is een richtlijn voor verwerving en behoud van aanvullende pensioenen. Deze richtlijn heeft ervoor gezorgd dat, bij vertrek van mensen naar een andere Europese lidstaat, zij hun aanvullende pensioenen behouden. Dit pensioen is dus geen belemmering meer voor arbeidsmobiliteit. De richtlijn voorziet in een minimumstandaard in alle lidstaten ten aanzien van het opbouwen en verwerven van pensioenrechten.

  • Internationale waardeoverdracht

    De Europese ‘Portability’-richtlijn gaat echter niet over het daadwerkelijk meenemen van aanvullende pensioenen naar een andere lidstaat. Meenemen van pensioenkapitaal is erg ingewikkeld vanwege verschillende technische, actuariële (zoals levensverwachting en pensioendatum) en fiscale aspecten tussen lidstaten.

    In de Pensioenwet is met ingang van 1 januari 2007 een aantal bepalingen opgenomen op het gebied van internationale individuele waardeoverdracht. De pensioenuitvoerder heeft hierbij een eigen verantwoordelijkheid gekregen. Om pensioenuitvoerders hierbij te helpen, heeft de Pensioenfederatie een modelvragenlijsten ontwikkeld.